|
Rik Verhelst
“ Het eerste wat mij opvalt bij een kennismaking met het werk van John Deckers, is de meesterlijke beheersing van de materie, waardoor hij deze sublimeert en in staat is tot het, op een aangrijpende wijze, interpreteren van vergeestelijke thema’s. Zijn creaties doorpriemen de ruimte, maar deze gevisualiseerde agressie genereert een sublieme harmonie in een verfijnde dialoog.
Bij John Deckers is het thema start én alibi tot het verkennend omgaan met vormen. Hij zet de toeschouwers op weg door figuratieve resten, die herkenbaar zijn in zijn werk. Onderdelen van meestal levende wezens, zoals het paard, een vogel, een hoofd, geven een weg aan naar de wereld, waarover het werk handelt. Het echte boeiende gebeuren vindt echter plaats binnen het beeld zelf, in het ritme, binnen de tegenstellingen tussen de contrasten, tussen matte en glanzende delen, in de relatie tot de ruimte en in de dynamiek.
Deckers schept een organisch geheel, waarbinnen elke cel, elk onderdeel dezelfde intensiteit uitstraalt binnen dat geheel. John Deckers is een meester in het doseren en het assembleren. Bovendien weet het scherpe, kille metaal met zijn Yange uitstraling zó te behandelen en kneedt het dermate, dat het warmte gaat uitstralen en bezield wordt, waardoor hij een complete metamorfose realiseert.
Samengevat zou men kunnen stellen dat zijn werk balanceert tussen agressie en beheersing, tussen scherpte en grote mildheid, tussen subtiel evenwicht en verrassende confrontaties. Het werk ademt door de innerlijke spanning. Het vraagt stilte en tijd om tot zijn kern door te dringen. Hoewel soms ragfijn door de ruimte priemend, getuigt elk werk van een grote innerlijke gebaldheid.
Rik Verhelst Ere-leraar aan de Provinciale Hogeschool Limburg te Hasselt (B), Departement Beeldende Kunsten.
Helene Hoelen
“Bij herhaling stopt het creatieve proces.” Om die reden maakt John Deckers uitsluitend unica en werkt hij niet in oplagen. Zijn atelier ligt dan ook bezaaid met brokken keramische inbedmassa terwijl er nauwelijks een mal te bekennen valt. De brokken inbedmassa worden gerecycled in voormalige ziekenhuisapparaten die de kunstenaar tot specialistische maal- en mengmachines heeft omgebouwd. Ze herinneren je eraan dat het maken van een beeld, hoe klein en fragiel ook, de nodige fysieke inspanning vergt.
Elk beeld van John Deckers representeert een traject uit een aaneensluitend creatief proces, maakt deel uit van een reeks sculpturen waarvan de nieuwste voortkomt uit de vorige en de basis vormt voor een volgende. In de meest recente sculpturen uit deze serie is meer plaats gekomen voor figuratie. Met name de menselijke gedaanten ontwikkelden een nadrukkelijker fysiek, meer dan eens associaties oproepend met primitieve maskers en beelden. Stilsteigerend liggen zijn “wachters” “krijgers” en ruiterheiligen” klaar om door de kunstenaar ineen te worden gesmeed tot veelal langgerekte vormen. Een belangrijk moment waarbij de losse componenten zowel elkaar als het geheel nog kunnen beïnvloeden.
John Deckers werkt geregeld met verschillende metalen voor een beeld, om een spanningsveld toe te voegen door middel van samenspel of contrasterende materialen. John Deckers beschouwt het totstandkomingsproces van zijn sculpturen als een persoonlijke kennis die van ondergeschikt belang dient te zijn aan de nieuwe identiteit die de sculptuur ontwikkelt. Hij vergelijkt het met de presentatie van een deskundige op elk willekeurig ander gebied: Hij zal zich moeten beperken in de dialoog met zijn publiek, dient haar niet te kennen in de veelheid aan details die aan het resultaat ten grondslag ligt. Daarom voor de kunstenaar bij voorkeur geen verwijzingen naar bijvoorbeeld Zarathoestra.
Zijn persoonlijke inspiratiebronnen zijn intensief, maar tegelijk veranderlijk en bijzaak in zoverre dat de continue ontwikkeling binnen zijn sculpturen en het individuele beeld de primaire aandacht verdient.
Helene Hoelen Helene Hoelen
Jan Rambout
"Tegenstellingen brengen essenties aan het licht"
John Deckers- "Alles om me heen zie ik als een grote evolutie, als een samenhangend geheel waarin kleine veranderingen de dingen een totaal ander aanzien en een andere betekenis kunnen geven. Dat boeit mij buitengewoon."
De bronsjes van John Deckers visualiseren de wet van de complementariteit: de positieve vorm is af dank zij de aanvulling met zijn negatieve tegenpool.
Jan Rambout, 1998 |
|||





